|
Mijn vader heeft gezegd: in de oorlog heb ik er vier, en hij is bang net als Confucius dat de zoon voor zijn vader in de oorlog overlijdt. Hij heeft ons nooit met z’n vieren in zijn huis gezien. Twee van ons komen, misschien drie maar meer niet. Twintig jaar blijft Confucius in mijn gedachten en in mijn vaders gedachten. Wij waren met z’n vieren, Mijn vader leest de wijsheid niet, maar hij weet wel wat de wijsheid in het oosten is. Als de zonen niet in de oorlog overleden zijn dan ontsnappen de twee. Misschien sterft de een, voor de leeftijd van vijftig te bereiken. Hij kon ons vieren niet zien. Hij weet wel wat de wijsheid in het oosten is. Wij waren met z’n vieren. Hij droomde dat hij ons allemaal samen ziet maar hij is nu met één tevreden maar hij is met één misère
*****
Een vooroorlogse kring
Allemaal waren vermoeid en hebben op de bank gezeten, de nacht ,de bomen ,de soldaat, en de trieste maan, De eerste zegt: ik ben moe van de duisternis, daarom lachen de bomen het licht van de maan uit. De bank lijkt op een doodskist die half open is, alsof de maan zijn laatste blik op de soldaat geworpen heeft, alsof hij als een soldaat op de bank dood gaat, alsof het beeld half gebroken is, alsof de bomen een condoleantie verbergen. Ze getuigden allemaal: de nacht, de bomen , de soldaat en de droevige maan. Zij zijn hun laatste rouwbeklag
|